Maandag

De dag begon met een Condorvergadering, maar in deze vergadering gingen we in tweetallen feedback geven op de onderzoeken. Ik vormde een tweetal samen met Karlijn en wat ik ben ik blij dat ik wat feedback heb gekregen. Ik kreeg voornamelijk feedback op de aanleiding, inleiding en samenvatting. Dus dat vatte ik als een positief teken op. Ik heb Karlijn ook nog van nuttige feedback kunnen voorzien, dus dat is heel erg fijn. Na de Condorvergadering ben ik (samen met de anderen van DataBewijst) nog aanwezig geweest bij de presentatie van Jeroen de Vos, maar dit bleek meer te gaan over hoe wij het hadden gedaan en wat onze werkwijze was.  Voor de rest hebben Stephanie en ik nog wat algemene zaken besproken voor DataBewijst. Zo hebben we onder andere de mails beantwoord. Ik had ’s middags een afspraak voor een kamerbezichtiging in Tilburg, dus in de trein heb ik samen met Stephanie nog contact opgenomen met mensen op Facebook om zo meer feedback te vragen over de corona & files productie. Stephanie en ik hebben beide twintig mensen een berichtje gestuurd via Facebook. Daarna heb ik het onderzoek van Stephanie gelezen en heb ik mijn eigen onderzoek aangepast.

Dinsdag

’s Ochtends vroeg ben ik al begonnen met het aanpassen van mijn eigen onderzoek. Ik heb heel mijn onderzoek doorgelezen en de dingen aangepast die ik moest aanpassen. Ook heb ik geprobeerd gelijk zo veel mogelijk fouten eruit te halen. Daarnaast heb ik nog even de tijd genomen om het onderzoek van Stephanie nog een keer te lezen. Rond 10:30 hebben Stephanie en ik onze bevindingen aan elkaar voorgelegd. Nu we weten hoe we (in ieder geval) deze twee onderzoeken kunnen verbinden. We hoopten dat het dan makkelijker zou worden om alle onderzoeken met elkaar te verbinden. Om 11:30 hadden we een verkenningsgesprek met Omroep Brabant, maar al snel kwamen we erachter dat ze niet echt duidelijk hebben wat hun problemen nou precies zijn. In het begin van het gesprek kwam het over alsof ze alles al goed deden. Na wat door te vragen werden al sneller de problemen duidelijker, maar ze nemen bijna geen actie om deze problemen op te lossen. Het was een interessant gesprek, maar op dit moment kan Omroep Brabant geen klant van ons zijn. Na dit gesprek hebben Stephanie en ik nog snel een nabespreking gedaan en de probleemanalyse ingevuld (die we van Richard Heesen hebben gekregen). Vervolgens was het weer verder met een ‘script’ te maken voor een productie met daarin alle onderzoeken die DataBewijst gemaakt heeft. Dit bleek alleen veel moeilijker dan gedacht en we kwamen maar niet verder. Dit kwam voornamelijk omdat Mirthe en Eline hun onderzoeken nog niet afhadden waardoor wij niet echt wisten wat er nou precies zou instaan. Dit leidde weer tot frustraties bij Stephanie en mij. Ik merkte heel erg dat ik geremd werd en dat ik niet verder kon voor DataBewijst, omdat ik bij alles constant moest wachten op anderen en dat is niet fijn. Stephanie deelde deze gevoelens. Ik vind dat we heel belangrijke beslissingen zeker met elkaar genomen moeten worden, maar dingen als mailtjes enzovoort is in mijn ogen niet nodig. Toch konden Stephanie en ik niet verder terwijl we begin van dit jaar alles redelijk zorgvuldig hadden gepland (Stephanie beter dan ik had gedaan). Ik wilde graag begin juni klaar zijn met mijn onderzoek, zodat ik in de laatste paar weken kon reflecteren en eventueel nog aan een productie werken. Ik heb ook bewust minder vrije tijd gehad in de begin maanden van dit semester om ervoor te zorgen dat ik in de laatste paar weken wat meer vrije tijd heb. Ik merk dat als ik meer vrije tijd heb het reflecteren ook automatisch beter gaat bij mij, maar nu lukt het gewoon niet om die vrije tijd te pakken.

Woensdag

Woensdag was een moeizame dag voor DataBewijst. Zo hebben we tegen elkaar gezegd wat bepaalde frustraties zijn op dit moment. Bij mij is dat, dat ik nu niet verder kan en dat ik me constant moet aanpassen aan het rooster van Mirthe en Eline en dat kan frustrerend zijn. Geloof me ik vind dat we een geweldig team vormen, maar het kan ook soms even vastlopen. Toch zijn we eruit gekomen en hebben we een soort van tussenperiode kunnen inlassen tot de deadline van 28 juni zodat we in ieder geval door kunnen werken voor ons assessment. Daarna gaan we het hebben over hoe het nu gaat en hoe het eventueel anders kan. De rest van de dag zijn Mirthe en ik bezig geweest om ons onderzoek over de Veiligheidsmonitor op papier te zetten. Dit kostte toch meer tijd dan wij van te voren hadden ingeschat, maar in het vorige weekverslag ben ik verder op in gegaan. Het komt erop neer dat we ons lesje wel hebben geleerd. Vanaf nu houden we dat document elke week bij als er een update is.

Donderdag

’s Ochtends heb ik de tijd genomen om de voortgang over het onderzoek naar de Veiligheidsmonitor bij te werken. Mirthe werd namelijk gebeld door Peter van Teeffelen van het CBS met meer informatie over de data die wij opgevraagd hadden. Dit heb ik allemaal verwerkt in het document. Daarna begon de condorvergadering, maar de enige die aanwezig waren, waren Mirthe, Stephanie, Karlijn, Devid en ik. Hierdoor had de vergadering niet heel veel zin, omdat drie van de vijf al van DataBewijst zijn en dus al alles over elkaar weten. Dat is overigens ook nog heel erg lastig. Ik vergeet toch vrij snel dingen te delen met de rest van de groep, omdat ik het al met DataBewijst bespreek. Terwijl dat niet goed is in mijn ogen, doordat ik het niet deel blijf ik heel erg in de DataBewijst bubbel en dat is niet persé een goed iets. Na de Condorvergadering heb ik nog samen met Stephanie wat Facebookberichten verstuurd met deze keer een korte uitleg over hoe we ze gevonden hadden om eventueel de zorgen over de link weg te nemen. Om 13:00 hadden we een gesprek met Richard van Broeinest Brabant over de interviews die we tot nu toe voor DataBewijst hebben gedaan en het kwam erop neer dat we er eigenlijk veel meer moesten doen. Voor de rest heb ik nog een keer de tijd genomen om mijn onderzoek na te lezen.

Vrijdag

Vrijdagochtend bestond vooral uit het onderzoek (van mijzelf) lezen en reflecteren op het onderzoek. Zo heb ik een tweede bericht geschreven, in een serie van drie, waar ik terugkijk op mijn onderzoek. Deze keer gefocust op de interviews die ik gedaan heb.

Reflecteren

Het probleem in het team van DataBewijst is dat we eigenlijk met twee verschillende snelheden werken. Stephanie en ik willen graag doordraven en door blijven pakken, terwijl Eline en Mirthe wat voorzichtiger kunnen zijn. We hebben allemaal even veel interesse in de datajournalistiek en we willen allemaal dat het bedrijf goed gaat lopen, maar onze karakters lopen hier niet op dezelfde lijn. Ik vind het juist fijn om de grens van mijn kunnen te bereiken dit zorgt ervoor in mijn ogen dat ik goed bezig ben geweest. Tegelijkertijd weet ik ook dat dit mijn valkuil is, daarom neem ik soms ook echt bewust de tijd om te reflecteren. Toch probeer ik het stilstaan en reflecteren tussendoor te doen en niet op het laatste moment. Voor een lange tijd ging de manier die we nu gebruiken goed, maar nu de deadline nadert ontstaat er toch langzaam een verschil. Zo moeten Eline en Mirthe nog heel veel reflecteren, terwijl Stephanie en ik al veel hebben gedaan. Hierdoor is er minder tijd voor projecten zoals de Veiligheidsmonitor of de onderzoeken samenvoegen. Tegelijkertijd moeten Stephanie en ik onze roosters aanpassen zodat Mirthe en Eline ook nog de tijd hebben om te reflecteren en dat is jammer. Ik heb bewust wat meer werk gedaan in maart en april om ervoor te zorgen dat ik in juni het wat rustiger aan kon doen en echt naar het assessment toe kon werken. Ook zou ik dan wat meer vrije tijd hebben om even bij te komen van dit toch wel heftige semester. Helaas, loopt het nu niet zo en dat vind ik jammer. Tegelijkertijd kunnen Mirthe en Eline er ook niks aan doen, maar ik vind het wel frustrerend. Woensdag hadden we het dus over deze frustraties en hoe het nu loopt. We weten ook dat we in de toekomst meer van dit soort gesprekken zullen hebben en dat een team daardoor ook niet slechter wordt, maar juist beter. Toch is het lastig omdat je ook vrienden bent en elkaar niet te erg wil kwetsen. Ook zorgt het feit dat je elkaar weinig persoonlijk ziet er ook voor dat dit zolang heeft kunnen doorlopen. Normaal als we in het Deprez zitten, spreek je dit soort dingen toch sneller uit. Er zijn dus zeker nog stappen die we moeten gaan nemen, maar ik maak me daar totaal geen zorgen over en ik vertrouw er volop op dat we sterker uit gaan komen.

Categorieën: Weekverslag

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *