Maandag

De eerste Condorvergadering thuis. Dat was toch wel even wennen, maar ik vond het goed gaan en we hebben veel kunnen bespreken. Toch moesten we allemaal wel erg wennen en moeten we een ritme zien te creëren in deze situatie en dat is toch wel lastig. Je privé-werk balans is even van slag, maar ik merkte ook dat ik snel kon schakelen en veel meer voor elkaar kreeg dan wanneer ik in het Deprez zit. Na de vergadering heb ik nog vergadert met de andere DataBewijst teamleden om te kijken hoe we het verder aan de slag gingen. Toen zijn we ook verder gegaan met het onderzoek voor het Brabants Dagblad en heb ik een Slack-account aangemaakt, omdat WhatsApp eigenlijk iets te chaotisch werd. Het voordeel van Slack is dat we channels per onderwerp/klant/productie kunnen maken om zo wat meer structuur aan te brengen. Daarnaast heb ik nog een LinkedIn bericht gemaakt om te laten weten dat we wel doorgaan ondanks alles wat er aan de hand is. Het voordeel van deze situatie is wel dat ik heel veel tijd aan mijn onderzoek kan besteden, dus ik heb de literatuur uitgezocht en ben begonnen met een plan van aanpak.

Dinsdag

Dinsdag begon met een conference call met Mirthe, Eline en Stephanie over hoe we nu verder gingen met het onderzoek voor het Brabants Dagblad. Toen is er besloten dat Mirthe, Eline en Stephanie verder zouden gaan kijken naar bepaalde bedrijven en dat ik onze werkwijze van maandag en van vandaag moest gaan vastleggen. Als ik klaar was kon ik eventueel helpen met wat zoekwerk. Tegelijkertijd kostte het al veel moeite om alles goed te verwerken en heb ik uiteindelijk weinig voor het onderzoek verder kunnen doen. Ik vind het best wel jammer, maar we moeten allemaal wel eens wat opofferen. Uiteindelijk hebben we een document van negen pagina’s geleverd bij het Brabants Dagblad. Daarna ben ik verder gegaan met het checken van de bronnen die ik gebruik voor mijn onderzoek over datajournalistiek en de regionale media. Tegelijkertijd is er ook nog een mail verstuurd vanuit DataBewijst naar het BD met onze resultaten en de vraag waar we konden declareren. Nadat ik dat allemaal gedaan heb ben ik nog verder gegaan met mijn plan van aanpak voor mijn onderzoek en heb ik nog gewerkt aan een blogpost over het vraagstuk voor de Nuenense Krant.

Woensdag

De dag begon met een skype gesprek met Roy om hem even op de hoogte te brengen. In dit skype-gesprek hebben we het gehad over Broeinest Brabant, en dat we toegelaten zijn bij Broeinest Brabant. Een ander onderwerp was corona, en hoe we daar mee omgaan. Verder ging het nog over het onderzoek en het Brabants Dagblad. Daarna zijn we aan de slag gegaan voor de politie en hebben we onderzoek gedaan naar een case die ze hadden doorgestuurd. Hier hebben we allemaal wat tijd ingestoken en deze keer heeft Eline de werkwijze opgeschreven. Na een paar uurtjes kwamen we niet meer verder en zijn we gestopt. Toen zijn Stephanie en ik bezig geweest om de data op te zoeken over de files rondom Tilburg en of het was afgenomen toen het coronavirus uit brak. We zijn rond de twee uur bezig geweest om de data te krijgen. Dit was best wel traag, maar tegelijkertijd hebben we er beide veel van geleerd, we weten nu hoe we sneller html bestanden om moeten zetten naar Excel-bestanden en we weten nu hoe we snel, maar ook goed kunnen analyseren in deze dataset. Nadat we de dataset hadden, hebben we het nog proberen te koppelen, maar dat lukte niet helemaal goed. We hebben toen besloten om verder te gaan met andere dingen. Zo ben ik verder gegaan met het plan van aanpak voor mijn onderzoek, want ik moest nog wat dingen aanpassen.

Donderdag

’s Ochtends ben ik nog even verder gegaan met het Excel-bestand van de files en toen ben ik tot wel wat interessante dingen gekomen. Zo kwam ik er samen met Stephanie achter dat we eigenlijk even moesten wachten omdat de dataset nog niet compleet was en in de eerste resultaten geen verschil was te zien of nauwelijks. Tussen deze bevinden vond nog de Condorvergadering plaats en hier hebben we de pva’s en de literatuur besproken en ik liep een beetje vast met de literatuur aangezien ik nauwelijks wat kon vinden over regionale media en datajournalistiek. Maar ik zat zo te zoeken dat ik eigenlijk gewoon verkeerd zat en veel te moeilijk zat te doen. Devid en Stephanie hebben toen geholpen om in te zien dat ik voor mijn literatuur ook gewoon het nationale of internationale beeld mag laten zien en daar dan mijn vragen op kan baseren en ik ben blij dat ze me geholpen hebben. Ik zat even in een tunnelvisie en zij hebben me daar uitgehaald. Na de Condor-vergadering vond er nog een DataBewijst-vergadering plaats we hebben toen even kort wat dingen besproken over wat we gingen doen. Na dit skype-gesprek ben ik naar Tilburg gereden om nog wat dingen uit mijn kamer op te halen omdat ik daar nog geen tijd voor had gehad. Tijdens het rijden werd Stephanie nog gebeld op de DataBewijst telefoon door Bart van Teeffelen over Broeinest Brabant en een workshop die we ’s avonds nog konden volgen. Uiteindelijk heb ik samen met de andere teamleden de workshop van Hackastory nog gevolgd, maar daar ga ik meer over vertellen in een aparte blogpost.

Vrijdag

Ik heb een middag en avond dienst moeten draaien bij de Praxis, dus ik had alleen maar de ochtend, maar die heb ik gebruikt om drie van mijn vier onderzoek te lezen en de belangrijkste quotes eruit te halen. Daarnaast heb ik nog een literatuurlijst opgesteld en heb ik nog Devid geappt met de vraag of je het onderzoek moet noemen waar je het hebt gevonden of het originele onderzoek waar het vandaan komt. Toen heeft Devid gezegd dat ik het onderzoek waar ik het gevonden heb moest gebruiken. Dit wist ik nog niet, maar dat was wel fijn om te weten anders was mijn literatuurlijst wel heel erg groot geweest.

Reflecteren

Wat een aanpassing! De week hiervoor zat ik nog in het Deprez te werken samen met de anderen en nu zijn de scholen gesloten vanwege de coronacrisis. Toch lastig om even om te schakelen, maar tegelijkertijd merkte ik ook heel erg aan mijzelf dat ik iemand ben die snel kan omschakelen. Maandag begon ik al om 09:00 en ik merkte, ten eerste dat ik het ook echt lang kon volhouden zonder echt afgeleid te worden en ten tweede dat ik veel meer voor elkaar krijg zonder alle afleiding op het Deprez. Toch is het ook heel erg onhandig om alles via Skype te doen, mijn voorkeur ligt toch echt wel bij het Deprez. Tegelijkertijd moest ik mezelf ook wel in de gaten houden. Ik ben namelijk iemand die vaak door blijft gaan totdat ik zo moe ben dat ik echt gewoon niet meer kan en aan het einde van deze week merkte ik toch wel dat ik erg moe was. Zo heb ik donderdagnacht 11 uur lang geslapen en dat is echt lang voor mij. Dus ik moet duidelijke grenzen gaan opstellen. Zo heb ik besloten om ’s ochtends om 09:00 te beginnen met het bekijken van mijn mails en dat ik stop tussen 17:00 en 18:00. Donderdag was dan een uitzondering omdat de workshop van Hackastory er opeens tussen kwam, maar dinsdag en woensdag heb ik me er wel netjes aan gehouden en ik merk dat dit echt wel werkt.

Wat dan ook gelijk door je hoofd begint te spoken is het feit dat je toch moet gaan produceren en je competenties moet gaan bewijzen. Je hebt toch een assessment aan het einde van dit semester. Hier maakte ik me wel een beetje zorgen om in het begin, maar tegelijkertijd heb ik ook het voordeel dat ik met OSINT en data aan de slag kan. Hier hoef je niet persé voor naar buiten en ik heb meer tijd voor mijn onderzoek en dat is ook wel goed. Ik kan nu alle literatuur afmaken, de vragenlijsten opstellen, contact opnemen en misschien wel wat interviews doen. Hierdoor heb ik dus meer tijd over in mei en juni om aan producties te werken. Ook moet er nog veel gebeuren voor DataBewijst, dus ik maak me geen zorgen over verveling. Een interessante week is het wel geweest, maar ook één met veel prikkels en aanpassingen. Voor mijn gevoel heb ik me aardig goed kunnen aanpassen tot nu toe.

Categorieën: Weekverslag

0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *